Student ondernemer

Sinds januari 2017 is er een nieuw statuut voor student-ondernemers. Om hiervoor in aanmerking te komen, moet men aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • minstens 18 jaar en hoogstens 25 jaar oud zijn;
  • een studie volgen aan een Belgische of buitenlandse onderwijsinstelling voor minstens 27 studiepunten (of minstens 17 lesuren per week) in functie van een door de bevoegde overheid erkend diploma;
  • aan het sociaal verzekeringsfonds een verklaring bezorgen dat je de lessen op regelmatige basis volgt.

Het statuut impliceert een gunstig stelsel van sociale bijdragen. Zo moet je geen sociale bijdrage betalen tot inkomsten van € 6.996,89 per jaar. Als je inkomen bovendien onder de € 6.996,89 blijft, behoud je je rechten op vlak van ziekteverzekering als persoon ten laste van je ouders. Verdien je meer, dan bouw je die rechten op via de betaling van je sociale bijdragen.

Voor de ouders van een student-ondernemer is het fiscaal interessant dat deze laatste zo lang mogelijk ten laste blijft. Dat kan enkel wanneer de student deel uitmaakt van het gezin (wettelijk gedomicilieerd is in het ouderlijke huis op 1 januari van het aanslagjaar), hij of zij geen lonen ontvangt die beroepskosten zijn voor de ouders, en de totale netto-bestaansmiddelen niet hoger liggen dan € 3380. Is de persoon van wie de student ten laste is een alleenstaande, dan bedraagt dat maximum € 4.880. Deze bedragen gelden voor inkomsten 2019 / aanslagjaar 2020.

Ook belangrijk: de ongehuwde student wiens jaarlijks netto-belastbaar inkomen in 2020 (aanslagjaar 2021) lager ligt dan € 8.990 zal geen personenbelasting verschuldigd zijn.

Voor behoud van het recht op kinderbijslag mag een student in het eerste, tweede en vierde semester slechts 240 uur werken (dit ongeacht het bedrag van de ontvangen inkomsten). Voor het derde kwartaal (de maanden juli, augustus en september) geldt deze regel niet: dan mag je onbeperkt werken in tijd (ook hier speelt de hoogte van de inkomsten geen rol). Zowel de loontrekkende als de zelfstandige prestaties tellen mee voor de grens van 240 uur. In de praktijk leg je een verklaring op eer af dat je niet meer dan 240 uur per kwartaal werkt. Deze verklaring aan het sociaal verzekeringsfonds moet elk jaar worden vernieuwd.

Overschrijd je de drempel, dan krijg je geen kinderbijslag voor het kwartaal waarin je te veel hebt gewerkt (ook al werd de activiteit niet gedurende het volledige kwartaal uitgeoefend).

Wat het beroepsstatuut betreft: een student kan niet worden erkend als beroepsjournalist.

Journalistenloket

Zennestraat 21
1000 Brussel
info@journalistenloket.be
02 777 08 40

Een initiatief van

VVJ-VlaamseVerenigingvanJournalisten-logo

Met steun van

logo-vlaamse-overheid