Lander Deweer: 'Ik schrijf over wat er op mijn pad komt'

Hoe ben je in de journalistiek terechtgekomen?

‘Tijdens mijn studie Journalistiek liep ik stage bij De Morgen. Kort voordien was er een jammerlijk collectief ontslag gebeurd, en ze hadden jonge en goedkope mensen nodig. Ik was 24 jaar en kon aan de slag op de nieuwsredactie. Een jaar later heb ik mijn ontslag ingediend en ben ik met de rugzak naar Nieuw-Zeeland en Zuid-Amerika getrokken, maar daarna mocht ik terugkomen, opnieuw in loondienst. Een tiental jaar geleden, in 2014, ben ik freelancer geworden.’

Waarom zette je die stap?

‘Ik deed het vooral om weg te zijn van de vergaderingen, vrijer te zijn in de keuze van mijn onderwerpen en op een bredere manier journalistiek te bedrijven. Ik heb een heel brede interesse en schrijf over van alles en nog wat, zowel cultuur en sport als maatschappelijke thema’s, eigenlijk allesbehalve politiek en economie. Het is een voordeel als freelancer dat je vanuit een persoonlijke interesse kan vertrekken. Vorige week heb ik bijvoorbeeld een artikel geschreven over La Louvière, over de stad en de streek, naar aanleiding van de promotie van de voetbalploeg naar eerste klasse, en over een kerk in de Westhoek die zijn toren openstelt voor het publiek. Voor Bahamontes heb ik bijvoorbeeld de Mont Ventoux beklommen en daar een reportage over geschreven. Af en toe spit ik een onderwerp wat dieper uit in een boek. Ik heb er een geschreven over stilte, over het syndroom van Gilles de la Tourette, over een vergeten voettocht van Vincent van Gogh, over de borstkanker van mijn vriendin. Ik schrijf dus over heel uiteenlopende thema’s, eigenlijk over wat er op mijn pad komt in het leven.’

Komen die ideeën doorlopend, of moet je af en toe gaan zitten om te brainstormen met jezelf?

‘Soms komt dat tijdens het lopen of fietsen, soms wanneer ik iets aan het lezen ben. Soms zijn dat er 10 op een dag, en dan soms weer 10 dagen niets. Op zo’n moment panikeer ik weleens, maar dan moet je erop vertrouwen dat er altijd wel weer wat komt. Je moet je ideeën leren herkennen en meteen vastpakken, want soms ben je het na 5 minuten alweer vergeten. Vroeger lachte ik mijn eigen ideeën vaak weg, omdat ik dacht dat het toch niemand zou interesseren, maar dat is veranderd met het ouder worden. Hoe langer je meedraait, hoe meer mensen je kent, en je moet het ook gewoon durven om iemand een voorstel te doen. Soms is die drempel wat hoger, maar eigenlijk is het niet meer dan een mailtje sturen, en als er interesse is, dan volgt het antwoord snel. ‘

Heb je altijd op voorhand een afnemer voor een stuk, of maak je ook weleens iets ‘op eigen kosten’, om het dan later aan de man te brengen?

‘Soms, maar voor 95% van mijn stukken heb ik op voorhand een afnemer. Bij een boek is het anders: ik begin eraan uit interesse, en pas later contacteer ik een uitgeverij. Momenteel werk ik aan een boek over een man die me al jaren inspireert, Jan Knippenberg, een ultraloper en geschiedenisleraar die op Texel heeft gewoond en een zeer avontuurlijk leven heeft geleid. Het zat al lang in mijn hoofd en ik ben blij dat ik er nu mee bezig ben. Het vraagt wel discipline om daar met regelmaat aan te werken en het vertrouwen te behouden dat het uiteindelijk iets gaat worden. Zoiets is een lang proces met veel twijfel, en veel momenten waarop je de mogelijkheid hebt om alles in de vuilbak te gooien en ermee te stoppen.’

Doe je steeds losse bijdragen en projecten, of heb je ook terugkerende rubrieken, die deels voor een vast inkomen zorgen?

‘Ik werk voor De Morgen mee aan de vaste rubriek ‘Blik op België’, samen met een hele pool aan journalisten. Wanneer ik tijd en zin heb, dan is daar altijd ruimte. Meestal keuren zij mijn voorstellen goed en kan ik ze snel maken. Ik maak daarnaast af en toe interviews voor het magazine van de bibliotheek van Brugge. En ik heb ook een podcast met 2 vrienden, ‘A Moment of Clarity’. Het zijn geen vetpotten, maar het brengt allemaal wel een beetje geld in het laatje.’

Je hebt ook een eigen tijdschfift opgericht, ‘Reveil’. Hoe ging dat?

‘Mijn redenering was: als er tijdschriften bestaan over vogels of over de koers, zoals Fwiet en Bahamontes, waarom zou er dan geen over het leven en de dood kunnen bestaan, iets wat ons allemaal aangaat? Ik heb het jaarlijkse tijdschrift Reveil samen met de gelijknamige vzw opgericht, en was 3 jaar hoofdredacteur. Zelf heb ik er geen geld in geïnvesteerd, maar wel veel tijd, want ik heb voor de opstart ook actief mee naar geldschieters gezocht. Het is leuk om aan zoiets mee te werken, maar als je gaat uitrekenen hoeveel tijd je erin geïnvesteerd hebt, dan is dat eigenlijk niet te betalen. Als freelancer klop je veel onbetaalde uren, want er kruipt veel tijd in het voorbereiden, inlezen en rondbellen. Als je dat gaat vergelijken met een advokaat of boekhouder, die elk telefoontje of mail een doorfactureert, dan is dat toch een andere categorie.’

Welke goede raad kan je nog meegeven aan collega-freelancers?

‘Ga af en toe wandelen of fietsen, zeker wanneer je vast zit of het even allemaal niet meer ziet. Als freelancer heb je daar de ruimte voor. Lees veel kranten en boeken, want dan komen er altijd wel ideeën en kan je je echt verdiepen in een onderwerp. En hou je ogen en oren open in je eigen omgeving, want in een schijnbaar klein verhaal van een buur, vriend of familielid zit soms weleens een mooi artikel. Het moet niet noodzakelijk over de oorlog in Oekraïne gaan.’

Studies: Geschiedenis (Universiteit Gent), master-na-master Journalistiek (Erasmus Hogeschool Brussel

Werk: journalist voor onder andere De Morgen, Bahamontes, Focus Knack en Fwiet. Publiceerde boeken als ‘De nieuwe stilte’ en ‘De vergeten voettocht van Vincent van Gogh’. Stond mee aan de wieg van het tijdschrift Reveil en het verdwenen voetbalblad Puskas. Maakt de podcast ‘A Moment of Clarity’. Begon zijn loopbaan in vaste dienst bij De Morgen.

Hans Dierckx

(foto: Jonas Lampens)

(c) Jonas Lampens