Hoe sterk is het vangnet ?

In ruil voor het betalen van sociale bijdragen, verwerft de zelfstandige bepaalde sociale rechten. Die zijn, in vergelijking met wat werknemers krijgen, aan de lage kant: het minimum pensioen was tot 1 augustus 2016 iets lager dan dat van loontrekkenden, en in tegenstelling tot de werkloosheidsregeling voor loontrekkenden lenigt de faillissementsverzekering alleen de eerste, tijdelijke nood. Bovendien: in periodes dat er geen opdrachten zijn, kan de zelfstandige ook geen beroep doen op een werkloosheidsuitkering.

Daar staat tegenover dat een zelfstandige maar ongeveer 20% van zijn inkomen aan sociale bijdragen besteedt, terwijl dat bij werknemers ruim 45% is (de werknemer betaalt zelf 13,07 % en de werkgever doet daar nog eens ongeveer 32% bovenop). Hoe dan ook toont dit voor freelancers de noodzaak aan van aanvullende verzekeringen tegen ziekte, ouderdom en rampspoed.

Ziekteverzekering

Als je als zelfstandige ziek wordt of niet meer kunt werken, kun je een beroep doen op de ziekteverzekering voor zelfstandigen, op voorwaarde uiteraard dat je in orde bent met je sociale bijdragen en je aangesloten bent bij een ziekenkas.Als je langer dan drie maanden ziek bent, kun je wel een ‘gelijkstelling wegens ziekte’ aanvragen en zo een vrijstelling van bijdragebetaling verkrijgen. Je behoudt dan nog altijd je rechten op ziekte- en invaliditeitsverzekering, gezinsbijslag en pensioen.

Sinds januari 2008 zijn alle zelfstandigen ook gedekt voor de zogenaamde kleine risico’s (raadpleging van een arts, aankoop van geneesmiddelen, tandverzorging, kinesitherapie, fysiotherapie, protheses).

Arbeidsongeschiktheid

In het verlengde van de verzekering voor geneeskundige zorg omvat het sociaal statuut van zelfstandigen een uitkeringsverzekering voor arbeidsongeschiktheid. Bijzondere voorwaarden om hiervan te kunnen genieten, zijn dat je al minstens zes maanden bijdragen betaalt en dat je je arbeidsongeschiktheid binnen de 28 dagen laat erkennen door een adviserende arts van het ziekenfonds.De uitkering wordt pas betaald vanaf de tweede maand arbeidsongeschiktheid. Ze heeft de vorm van een dagvergoeding, die wordt toegekend voor elke dag van het jaar, behalve de zondagen. De bedragen verschillen naargelang van de gezinssamenstelling en de duur van de arbeidsongeschiktheid (korter of langer dan één jaar).

Dagvergoedingen voor arbeidsongeschiktheid

 

(uitgaande van 26 werkdagen per maand)

 

Na 1 maand na 12 maanden
Alleenstaande € 44,95 Zonder gelijkstelling:         € 44,95

    Met gelijkstelling*:             € 44,95

Met gezinslast € 56,17 Zonder gelijkstelling:         € 56,17

     Met gelijkstelling*:             € 56,17

Samenwonend € 34,47 Zonder gelijkstelling:        € 34,47

     Met gelijkstelling*:            € 38,54

Erkende hulp van derden (eventuele aanvulling na drie maanden) € 20,40

* Periodes van ziekte en invaliditeit kun je kosteloos laten gelijkstellen met periodes van activiteit. Voorwaarde is wel dat je je zelfstandige beroepsbezigheid volledig stopzet en dat je als arbeidsongeschikt bent erkend bent door de arts van je ziekenfonds. Dit heeft gevolgen voor de berekening van je pensioen, dat dan hoger kan zijn. Je blijft dan ook tijdens je inactiviteit in regel met de ziekteverzekering, hoewel je geen bijdragen meer betaalt.

De uitkering is in principe niet cumuleerbaar met een (andere) beroepsbezigheid. Maar met de toelating van de adviserende arts kun je in de overgang naar een nieuwe job wel een aangepaste werkzaamheid uitoefenen.

Zelfstandigen die als arbeidsongeschikt zijn erkend en die een invaliditeitsuitkering ontvangen, hebben bovendien recht op verhoogde tegemoetkomingen in de ziektekosten.

Sinds 2011 wordt in mei jaarlijks een inhaalpremie betaald aan invalide zelfstandigen die op 31 december van het jaar dat voorafgaat aan dat van de toekenning, minstens 1 jaar arbeidsongeschikt waren. Die bedraagt voor 2017, voor zelfstandigen, € 212,15.

Moederschapsuitkering en kraamgeld

Sinds 1 januari 2017 bedraagt de duur van het moederschapsverlof voor een zelfstandige of meewerkende echtgenote 12 weken. Voordien was dat 8 weken. De zelfstandige moeder kan het verlof voltijds of halftijds opnemen. De termijn waarbinnen ze het verlof moeten opnemen is verlengd van 21 naar 36 weken na de verplichte bevallingsrust.

Een zelfstandige moeder kan sinds januari 2010 haar moederschapsverlof met maximaal 24 weken verlengen als kort na de geboorte blijkt dat haar kind gedurende een langere tijd in het ziekenhuis moet verblijven.

Kinderbijslag

Zelfstandigen en gelijkgestelden (gefailleerde, arbeidsongeschikte, gepensioneerde zelfstandigen, voortgezet verzekerden) hebben recht op kinderbijslag voor

  • de eigen kinderen, maar ook die van de echtgeno(o)t(e), geadopteerde kinderen, kinderen onder voogdij, de inwonende kinderen van de partner, inwonende klein- en achterkleinkinderen en neven en nichten;
  • tot aan de leeftijd van
    • 18 jaar: voor alle kinderen
    • 21 jaar: voor gehandicapte kinderen
    • 25 jaar: voor kinderen die nog cursussen volgen, een eindverhandeling hogere studies afwerken, verbonden zijn door een leerovereenkomst, een stage voor een openbaar ambt doormaken of ingeschreven zijn als werkzoekende.

Kinderbijslagen

Maandelijks basisbedrag 6 tot – 12 12 tot – 18 + 18
1ste kind

Niet-gepensioneerde rechthebbende

€ 92,09 € 108,13 € 116,52 € 120,25
2de kind

Niet-gepensioneerde rechthebbende

€ 170,39 € 202,38 € 219,27 € 232,54
3de en volgende kinderen

Niet-gepensioneerde rechthebbende

€ 254,40 € 286,39 € 303,28 € 316,55

Eenoudergezinnen waarvan de totale inkomsten niet hoger liggen dan €  2.385,18bruto per maand, hebben recht op een toeslag van

    • Eerste kind:                                      € 46,88
    • Tweede kind:                                  € 29,06
    • Derde en volgende kinderen:  € 23,43

Langdurig werklozen (vanaf zevende maand werkloosheid) en gepensioneerden met een gezinsinkomen van maximaal € 2.385,18 bruto per maand (alleenstaande) of € 2.462,77 bruto per maand (samenwonende), hebben recht op een toeslag van

    • Eerste kind:                                      € 46,88
    • Tweede kind:                                  € 29,06
    • Derde en volgende kinderen:  €   5,10
    • Derde en volgende kinderen
      van eenoudergezin                       € 23,43

Schoolpremie

De schoolpremie wordt een maal per jaar, vóór het nieuwe schooljaar uitbetaald.

Die bedraagt:

Kinderen zonder toeslag                             Kinderen met toeslag

0 – 5 jaar             € 20,40                                                                € 28,16

6 – 11 jaar           € 43,86                                                                € 59,76

12 – 17 jaar         € 61,20                                                                € 83,66

18 – 24 jaar         € 81,60                                                                 € 112,62

Als een zelfstandige een terminaal zieke partner of kind wil bijstaan, krijgt hij een uitkering voor mantelzorg. Die bedraagt € 1.168,73 per maand indien de zelfstandige activiteit volledig wordt onderbroken. Onderbreek je je zelfstandige activiteit voor minstens 50 %, dan krijg je € 584,36 per maand.

Pensioen

Wanneer ?

Zelfstandigen kunnen aanspraak maken op een rustpensioen mits ze de pensioenleeftijd bereiken of/en een minimumloopbaan kunnen voorleggen.

    1. De normale pensioenleeftijd is 65. Sinds 1 januari 2009 geldt dit ook voor vrouwen. Vanaf 2025 is de leeftijd 66 jaar en vanaf 2030 wordt het 67 jaar.
    2. Wie vervroegd met pensioen wil gaan, zonder verlies van pensioen, moet aan bepaalde voorwaarden voldoen.
datum minimumleeftijd loopbaanvoorwaarde Uitzondering lange loopbaan
2017 62,5 jaar 41 jaar 61 jaar, bij loopbaan van 42 jaar

De beroepsloopbaan kan worden bewezen aan de hand van de sociale bijdragebetalingen aan het sociaalverzekeringsfonds.

Periodes van ziekte of invaliditeit kunnen kosteloos worden gelijkgesteld met activiteit, net zoals studieperiodes vóór 1957 en periodes van militaire dienst. Voor andere gelijkstellingen moet je betalen, met name voor studieperiodes na 1956 en voor periodes van voortgezette verzekering (en de vrijwillige bijdragebetaling in het kader hiervan).

Hoeveel ?

De berekening van het pensioen is een behoorlijk ingewikkelde materie. Factoren die een rol spelen zijn

    • de beroepsloopbaan;
    • de beroepsinkomsten;
    • of je alleenstaande bent, dan wel gehuwd met iemand die zelf geen inkomsten heeft (in het laatste geval krijg je een gezinspensioen).

Bij een gemengde loopbaan – je hebt ook nog gewerkt als loontrekkende of als ambtenaar – worden de diverse pensioenregelingen gecombineerd.

Van zodra je 55 jaar wordt, kun je je pensioen laten ramen. https://mypension.onprvp.fgov.be/NL/mypension/Paginas/default.aspx

Voor erkende beroepsjournalisten in loondienst – dus niet voor freelance beroepsjournalisten – bestaat een aanvullend pensioensysteem. De AVBB heeft er altijd voor geijverd dit zelf gefinancierde pensioensupplement uit te breiden naar de freelance beroepsjournalisten.

Wie nog ?

De uit de echt gescheiden echtgeno(o)t(e) van de zelfstandige kan aanspraak maken op een eigen rustpensioen, mits de pensioenleeftijd wordt bereikt en de beroepsloopbaan van de ex-echtgeno(o)t(e) als zelfstandige wordt bewezen.

De feitelijk of van tafel en bed gescheiden echtgeno(o)t(e) van de zelfstandige kan een deel opeisen van het pensioen dat aan de partner wordt toegekend.

Voor de weduwe of weduwnaar van een zelfstandige is het overlevingspensioen weggelegd.

Minimumpensioenen zelfstandigen

Minimumpensioen

(bij volledige loopbaan)

Rustpensioen – gezin € 17.525,37
Rustpensioen – alleenstaande € 14.024,72
Overlevingspensioen € 13.804,22

Andere voordelen:

Gerechtigden op pensioen als gezin Gerechtigden op pensioen als alleenstaande
Bijzondere bijslag 134,68 107,77
Pensioensupplement 170,16

Het pensioensupplement (jaarlijks in juli) geldt voor wie zijn rustpensioen genomen heeft tussen 1 juli 1997 en 1 december 2008.

De bijzondere bijslag (jaarlijks in juli) geldt niet voor:

    • wie een loopbaan heeft als zelfstandige (of als zelfstandige en werknemer) die minstens gelijk is aan 2/3 van een volledige loopbaan;
    • een pensioen van zelfstandige heeft waarvan het jaarbedrag hoger is dan het minimumpensioen voor zelfstandigen vermenigvuldigd met de breuk van de loopbaan als zelfstandige.
    • Meerdere pensioenen ontvangt waarvan het totale jaarbedrag hoger is dan het minimumpensioen voor zelfstandigen.

Hoe ?

Je moet je pensioen aanvragen bij je gemeentebestuur of bij de RSVZ.

De RSVZ beslist over de toekenning, inclusief het pensioenbedrag.

De betaling gebeurt door de Rijksdienst voor Pensioenen.

Overbruggingsrecht (faillissementsverzekering)

Maak je een moeilijke periode door, waarin de te betalen rekeningen je boven het hoofd groeien, dan kun je eerst proberen met uw schuldeisers te onderhandelen over een afbetalingsplan. Je kunt daarbij een beroep doen op een ondernemingsbemiddelaar. Maar gaat het dan toch fout, dan kan een zelfstandige in hoofdberoep een beroep doen op een faillissementsuitkering, die tegenwoordig ‘overbruggingsrecht’ wordt genoemd..

Sinds 1 oktober 2012 is die verzekering uitgebreid. Je moet niet langer failliet zijn verklaard of in een collectieve schuldenregeling zitten. Als je door een geval van overmacht je activiteit niet voort kunt zetten – tijdelijk of definitief – dan kun je er ook al een beroep op doen. En met overmacht wordt verstaan: natuurrampen, de vernietiging van je werkplaats of je materieel, brand en bepaalde gevallen van allergie (zoals b.v. een kapper die een allergie krijgt voor de producten in zijn kapsalon). Dat laatste zal bij freelancejournalisten wellicht uiterst zelden voorkomen.

Volledige stopzetting

Belangrijke opmerking: het moet wel gaan om een volledige stopzetting van je activiteit. Zijn uitgesloten: de zelfstandigen die strafrechtelijk veroordeeld zijn voor bedrieglijk faillissement of onvermogen. De uitkering geldt voor wie geen andere beroepsactiviteit uitoefent of geen recht op uitkeringen heeft, in België woont en minstens vier kwartalen bijdragen in hoofdberoep verschuldigd was. De echtgeno(o)t(e) mag evenmin een beroepsactiviteit hebben of uitkeringen genieten.

De verzekering komt neer op een maandelijkse uitkering gedurende hoogstens twaalf maanden. Nieuw is dat die twaalf maanden nu kunnen gespreid worden over een hele loopbaan. Je kunt dus meermaals een beroep doen op de faillissementsverzekering, zolang je twaalf maanden nog niet zijn opgebruikt. Je krijgt nu ook zes maanden de tijd om de verzekering aan te vragen (dat was voorheen drie maanden).

Gedurende de periode van de verzekering word je vrijgesteld van sociale bijdragebetaling maar behoud je je rechten op geneeskundige verzorging en kinderbijslag.

Je kunt een beroep doen op het overbruggingsrecht (de faillissementsverzekering) via je sociaalverzekeringsfonds.

Maandbedragen overbruggingsrecht zelfstandigen

Zonder gezinslast Met gezinslast
€ 1.114,22 € 1.460,45

Een zelfstandige die zijn activiteit stopzet, kan tijdens de daarop volgende inactieve periode toch in orde blijven met zijn sociaal statuut door in een voortgezette verzekering te stappen. Dit betekent dat je vrijwillige sociale bijdragen blijft betalen en in ruil je sociale rechten behoudt. De voortgezette verzekering kan in principe maar twee jaar duren, maar kan worden verlengd tot zeven jaar wanneer je daardoor de pensioenleeftijd bereikt.

 Meer info

 

Terug naar ‘Sociaal statuut’